Beweging naar de voorkant: van reactieve naar preventieve zorg
Een van de sterkste signalen op het congres was de nadrukkelijke verschuiving van behandeling naar preventie. De centrale vraag: met welk perspectief kunnen mensen thuis hun gezondheidsvragen oplossen? Dit is geen vrijblijvende ambitie — het is een noodzaak in een sector die kampt met groeiende personeelstekorten en stijgende zorgkosten.
Achter de politieke woorden schuilt een concrete agenda: meer inzetten op zelfmanagement, digitale ondersteuning en het mobiliseren van zorgverleners én cliënten.
De verschuiving naar de voorkant vereist digitale tools die patiënten en cliënten in staat stellen om regie te nemen over hun eigen gezondheid: persoonlijke gezondheidsomgevingen (PGO's), mHealth-apps voor zelfmonitoring en telezorg voor laagdrempelig contact met zorgverleners.
“De overheid, het veld en patiënten duwen in dezelfde richting — digitalisering is een noodzaak.”
Het landelijk EPD: niet één systeem, maar een ecosysteem
De sterkste uitspraak kwam vanuit de paneldiscussie over netwerkzorg: er moet een landelijk EPD komen. Deze oproep weerspiegelt een diepgevoelde frustratie in het veld. Zorgverleners lopen dagelijks tegen de grenzen aan van gefragmenteerde systemen die niet met elkaar communiceren.
Een enkelvoudig, gecentraliseerd systeem voor heel Nederland is zowel technisch als praktisch onhaalbaar — de zorgsector is te divers, de systemen te gespecialiseerd. Wat wél haalbaar en wenselijk is: een landelijke interoperabiliteitslaag die bestaande EPD's en ECD's met elkaar verbindt via open standaarden.
Het antwoord op de roep om een landelijk EPD is dus niet één nieuw systeem, maar een ecosysteem van verbonden systemen. Dit is precies de aanpak van het CareHub-ecosysteem: bestaande software verbinden via open standaarden, zonder vendor lock-in, met behoud van specialisatie per sector.
Wat dit betekent voor investeerders in zorgtechnologie
De signalen zijn eenduidig: de Nederlandse overheid, het zorgveld en de patiëntenbeweging duwen in dezelfde richting. Digitalisering is niet langer een optie maar een vereiste. De IZA-ambities, de Wegiz-verplichting en de politieke wil creëren een unieke marktomgeving voor zorgtechnologie-investeringen.
Wegiz verplicht digitale uitwisseling — compliance-gedreven vraag. De verschuiving naar de voorkant zorgt voor een groeiende markt voor digital health. Personeelstekort maakt technologie een noodzakelijke oplossing — niet langer een efficiëntie-keuze maar een capaciteitskeuze.
Zorgtechnologiebedrijven die interoperabiliteit, werkdrukverlichting en cliëntregie combineren, bevinden zich in de sweet spot van deze marktdynamiek. De overheid steunt die richting, het veld vraagt erom, en de wetgeving verplicht het.
Drie thema's die het podium domineerden
Voor wie er niet bij was: drie onderwerpen kwamen vrijwel in elke zaal terug. Eén: de kloof tussen digitale ambitie en operationele realiteit. Bestuurders spraken in termen van 'digitale transformatie', terwijl de mensen op de werkvloer het over koppelvlakken, dubbele registratie en verouderde portalen hadden. Die kloof — strategisch optimisme versus operationele frustratie — werd herhaaldelijk benoemd als hét kernprobleem dat de digitale agenda vertraagt.
Twee: de noodzaak van regie bij de cliënt. Persoonlijke gezondheidsomgevingen (PGO's) werden niet meer als 'nice to have' besproken maar als infrastructurele voorwaarde voor preventie en zelfmanagement. Zonder een werkende cliëntregie kunnen veel andere ambities — preventie, hybride zorg, mantelzorgondersteuning — niet structureel landen.
Drie: AI als realistisch onderwerp, niet langer als belofte. Waar AI vorig jaar nog futuristisch werd besproken, ging het nu over concrete adoptie-vragen: hoe certificeer je een hoog-risico-AI volgens de AI Act? Welke patroon-audits horen daarbij? Hoe maak je verklaarbaarheid werkbaar in een drukke kliniek? Het toont dat zorg-AI volwassen wordt — maar ook dat de eisen zwaarder worden.
Wat dit betekent voor zorgorganisaties
De boodschap voor zorgorganisaties is gemixt: enerzijds is er duidelijke politieke en sectorale rugdekking voor digitalisering — anderzijds blijven zorgorganisaties zelf verantwoordelijk voor de uitvoering. Wegiz schrijft niet voor wélk systeem je moet gebruiken; het verplicht alleen dat de uitwisseling werkt.
Concreet: wie nu nog softwarekeuzes maakt zonder open standaarden af te dwingen, koopt over twee jaar een compliance-probleem. Dat geldt voor ECD-vervangingen, EPD-uitbreidingen en alle nieuwe specialistische applicaties. Kies leveranciers die FHIR ondersteunen of die een geloofwaardige roadmap richting FHIR hebben.
En: koppel niet alles vandaag. Een gefaseerde aanpak — beginnend met de meest pijnlijke uitwisselingsbehoefte (medicatieoverdracht, verpleegkundige overdracht) — werkt beter dan een grootschalig integratieprogramma. Wegiz tranche-fasering helpt daarbij; het maakt prioriteitstelling extern gevalideerd.
Wat dit betekent voor zorgtech-bedrijven
Voor zorgsoftware-leveranciers is het signaal helder: open architectuur is geen marketingclaim meer, maar een productvereiste. Gesloten datamodellen die alleen via vendor-specifieke koppelvlakken te ontsluiten zijn, raken hun marktwaarde geleidelijk kwijt. De overheid zet er druk op via Wegiz; klanten zetten er druk op via inkoopvoorwaarden.
De winnaars in de komende vijf jaar zijn de leveranciers die hun product zo bouwen dat het op natuurlijke wijze in een ecosysteem past — niet als kerncomponent waar alles omheen draait, maar als één van vele onderdelen die elk hun rol spelen. Die mindset-shift is groter dan een technische upgrade; het is een herorientatie van het businessmodel.
Compliance wordt tegelijkertijd een onderscheidende factor. NEN 7510, ISO 27001, AI Act-conformiteit — wie deze met geloofwaardige documentatie kan tonen, wint inkooptrajecten van wie dat niet kan. Dat is niet de vrijblijvende 'wij nemen security serieus' van vroeger; het is werkelijk gedemonstreerde compliance, met controleerbare audit-trail.


